Geschiedenis van Lovendegem

Boek "Geschiedenis van Lovendegem"

Met het boek Geschiedenis van Lovendegem werd in het voorjaar van 2010 een project afgerond dat ongeveer tien jaar voordien was opgestart. Van 1111 tot 1976 maken we het wel en wee mee van de bewoners. Het zeer rijke en goed bewaarde archief stelde de onderzoekers in staat de bewogen geschiedenis van het dorp in al haar aspecten te reconstrueren en dit vanaf de 13de eeuw. 

Praktische gegevens 
Het boek Geschiedenis van Lovendegem wordt verkocht aan 45 euro, Cdrom met bijkomende teksten inbegrepen. 
Het boek is te verkrijgen in de bibliotheek tijdens de openingsuren.  

Geschiedenis van Lovendegem in een notendop

Materiële sporen van bewoning gaan terug tot de late IJzertijd. Van de Romeinse periode (ca 50 v.C. - ca 400 na C.) zijn nog geen sporen aan het licht gekomen.

Over de betekenis van de naam Lovendegem is in het verleden heel wat gefantaseerd. Taalkundigen zijn het nu eens over de betekenis: het eerste deel (lovende) gaat terug op de familienaam 'Lubantos' die zich later naar 'Luvand' omvormde. Het tweede deel (gem) betekent heem of woning. Lovendegem betekent dus een vestiging of vaste verblijfplaats van een zekere Luvand en de zijnen. De naam Lovendeghem werd al in de 12de eeuw op die manier vermeld.

Tot aan de Franse Revolutie had Lovendegem een sterk feodale structuur. Het was een echt lappendeken van heerlijkheden: drie hoofdheerlijkheden en verscheidene onderheerlijkheden (heerlijkheid = gebied bestuurd door de lokale heer).
De hoofdheerlijkheden waren: de heerlijkheid van Lovendegem in het centrum, de Keure van Sleidinge-Lovendegem-Waarschoot in het noorden en de heerlijkheid Vinderhoute in het zuiden. De ondergeschikte heerlijkheden waren die van Nieuwenhoven, ten Broecke (Meienbroek-Bredestraat), ten Straten (rond huidig kasteel Te Velde), ten Walle (Oostveld), Diepenbroek...
Aldus kende het dorp drie 'heren': namelijk de heer van Lovendegem, de Graaf van Vlaanderen in de Keure en de heer van Vinderhoute. Een heer stond als een kleine vorst aan het hoofd van zijn heerlijkheid.

In de jaren 1251-1269 werd de Lieve gegraven, die sindsdien over een aanzienlijke afstand de oostgrens van de parochie vormde en eeuwenlang een belangrijke verkeersader was.
In de loop van de 13de eeuw is er sprake van een familie die zich de naam 'van Lovendegem' toeeigent. In 1295 werd Wouter van Lovendegem vermeld. Wouter diende de toenmalige graaf van Vlaanderen, Gwijde van Dampierre. Roeland van Lovendegem, een nakomeling van Wouter, bewoonde de slottoren (het latere kasteel) toen de Gentenaren er in 1383 binnenvielen tijdens hun opstand tegen Lodewijk van Male, graaf van Vlaanderen. Mergriete van Lovendegem, dochter van Roeland, trouwde in 1402 met Boudewijn de Vos. Hij werd de nieuwe heer van de heerlijkheid Lovendegem.

De heerlijkheid wisselde regelmatig van eigenaar door erfenis, schenking of inbeslagname. Tijdens de 15de en 16de eeuw waren de heren van Lovendegem afstammelingen van de Bourgondische hertog Filips de Goede. Zo werd in 1462 de heerlijkheid, na samenzwering van de heer van Lovendegem tegen de hertog door Filips de Goede, hertog van Bourgondië, in beslag genomen. Omstreeks 1550 liet Keizer Karel V de hele inboedel van de woning van de Lovendegemse dorpsheer in beslag nemen omdat de laatste telg van het geslacht van Bourgondië (Jacques) te veel sympathieën had voor de leer van Calvijn. Koning Filips II verkocht enkele jaren later (1559) de heerlijkheid in haar totaliteit aan de rijke Gentse patriciër Joos Triest, een telg uit een rijke Gentse familie.

De godsdienstoorlogen van de tweede helft van de 16de eeuw en de daaropvolgende repressie door de Spaanse landvoogd Alva, joegen de bevolking op de vlucht. Heel Vlaanderen was in die periode een weerloze prooi voor rovende en plunderende huursoldaten en vrijbuiters.
Onder de aartshertogen Albrecht en Isabella kwam er eindelijk vrede. De Lovendegemse bevolking kwam stilaan terug, woningen werden herbouwd, de kerk werd volledig hersteld en de verlaten gronden weer in cultuur gebracht. In die periode werd de vaart gegraven (vanaf 1613). Tijdens de strijd van Spanje met de Verenigde Provinciën (tot 1648) werden langs de vaart verschillende fortjes in hout en aarde opgericht. Eerst langs de zuidzijde (Lo), om militaire acties vanuit Zeeuws-Vlaanderen tegen te houden. Nadien langs de noordzijde, om Franse invallen uit het zuiden tegen te houden. De Lovendegemnaars betaalden belastingen aan de strijdende partijen.

In de 2de helft van de 17de eeuw had de heer van Lovendegem zodanig veel schulden dat de heerlijkheid, bij besluit van de raad van Vlaanderen, verkocht werd aan Gillis Dons, heer van Scheldewindeke (1700). Tot aan de Franse Revolutie zal de heerlijkheid in handen blijven van deze familie die in 1716 de titel van baron verwierf. Het kasteel van de heerlijkheid wordt tot op heden door nazaten van Gillis Dons bewoond.

Tijdens de veroveringsoorlogen van de Franse koning Louis XIV had de bevolking van Lovendegem te lijden onder verhoogde belastingen, kleine schermutselingen, gedwongen inkwartieringen en sporadische vernielingen. In 1683 staken de Fransen enkele huizen in brand in het dorpscentrum.
De Spaanse successieoorlog (1701-1713) zorgde enkele jaren later opnieuw voor oorlogsleed en eens temeer was het grondgebied van de heerlijkheid de plaats van het strijdtoneel. Tijdens de zomer van 1705 richtten Franse troepen hun kamp in op de kouter, met grote materiële schade voor de inwoners tot gevolg. Later in die eeuw nam de bevolking van Lovendegem in belangrijke mate toe.

De Franse revolutie maakte een einde aan de feodale structuur. Lovendegem werd een gemeente. Onder Napoleon stierven meer dan 30 Lovendegemse jongens in het Franse leger. De Boerenkrijg (in de herfst van 1798) bracht voor Lovendegem weinig of geen onregelmatigheden mee.
De Hollandse periode werd een bloeitijd voor de dorpsgemeenschap maar in het midden van de 19de eeuw brachten de teloorgang van de huisweefnijverheid, de opeenvolgende aardappelplagen en de mislukking van de oogst armoede onder de bevolking. Een cholera-epidemie teisterde enkele jaren later de bevolking.

De eerste vermelding van godsdienstig leven te Lovendegem dateert uit 1111: er is sprake van een 'altare di Lovendegem'. Dit zou erop kunnen wijzen dat er reeds een eerste kerk of bidplaats aanwezig was. Ook de patroonheilige St.-Martinus wijst in de richting dat er reeds heel wat vroeger een kerstening plaatsvond te Lovendegem.
In het begin van de 17de eeuw werd de kerk volledig hersteld. Eind de jaren 1780 werd ze vergroot om het toenemend aantal inwoners te kunnen opnemen. Op het einde van de 19de eeuw werd de kerk zeer ingrijpend veranderd volgens de plannen van architect Goethals. Rond de jaren 1960 kreeg ze binnenin een opknapbeurt, waarbij de polychrome beelden een eenvormig kleurtje kregen.
Ten slotte werd ze recent binnen en buiten volledig gerestaureerd, zodat de neogotische stijl volledig tot zijn recht komt.

In de 18de eeuw was de pastoor van Lovendegem J.F. Abbate tevens deken: hij kwam hier aan in 1748, en stierf hier als deken in 1798; hij heeft dus een halve eeuw lang het parochiaal leven in Lovendegem beheerst.
De kloostergemeenschap van de Zusters van Liefde werd in 1803 in de Appensvoorde opgericht door P.J. Triest, in die tijd pastoor van Lovendegem.
Verschillende vooraanstaande families lieten zich een riant stenen buitenverblijf oprichten. Het kasteel Diepenbroek in de Appensvoorde wordt reeds in 1421 vermeld. Met de familie van Vaernewijck was het meer dan twee eeuwen een ontmoetingsplaats van de hoge adel. Het kasteel De Roode Poort op de hoek Appensvoorde-Bierstal behoorde in 1853 toe aan Pieter van Kerckvoorde. De keldergewelven dateren uit het begin van de 17de eeuw. Daarnaast zijn er nog het kasteel te Velde aan de Appensvoorde, het Laresteen aan de Larestraat en de Oude Wal aan de Koning Leopoldstraat.

Tot diep in de 19de eeuw was de Bredestraat de drukst bevolkte wijk van Lovendegem. Vanaf 1880 zien we de bevolking gestadig aangroeien. Het dorp als woonvlek breidt zich uit naar de wijken buiten de dorpskern. In de jaren 1930 werd de 'Grote Baan' (Rijksweg N9) aangelegd. Vanaf 1960 brengen grote verkavelingen een explosie van de bevolkingsaangroei en bepalen meteen het uitzicht van Lovendegem zoals we het nu kennen. Op het einde van de 20ste eeuw werkte ongeveer de helft van de beroepsbevolking in Gent.

Contactgegevens

Bibliotheek

Dorp 28
9920 Lovendegem

Tel. 09 370 70 45
bibliotheek@lovendegem.be
http://www.lovendegem.be/Openingsuren.aspx

Cultuur

Kerkstraat 45
9920 Lovendegem

Tel. 09 370 70 13
cultuur@lovendegem.be
http://www.lovendegem.be/Openingsuren.aspx